Dertig Minuten.
Ik begin een echte ‘fanboy’ van stilte te worden. Niet zomaar af en toe een moment zonder social media, the big brother-apparaat in onze zak, of een dag zonder verkeerslawaai en machos met een claxon in plaats van hersenen. Ik bedoel échte stilte. De stilte die bijna niet meer denkbaar is in onze ‘wie niet druk bezig is, is fout bezig’-maatschappij.
Recent ben ik begonnen om dertig minuten per dag stil te zitten, met sound-silencing headphones op en een oogmasker. Dertig minuten volledige stilte, zonder afleiding. Oké, in het begin eindigde dat soms in gesnurk, maar hoe vaker ik het doe, hoe meer ik opnieuw in contact kom met mezelf.
Ik hoor je al lachen en zeggen: ‘ik ben altijd in contact met mezelf’. Dat dacht ik ook. Maar is dat wel zo?
Uit recente studies blijkt dat we (in het Westen) veel minder slapen dan vorige generaties, dat onze aandachtspanne steeds korter wordt en dat onze capaciteit om ons te concentreren afneemt tot het niveau van de gemiddelde goudvis. Ook ons vermogen om te lezen, of zelfs een eigen opinie te vormen, nadert het nulpunt.
(Voor de mensen die zich nu geroepen voelen om onmiddellijk te reageren en hun leesvaardigheid en denkvermogen te verdedigen: wacht even. Geduld. Het gaat niet over jou persoonlijk, maar over de gemiddelde mens. En als je me niet gelooft: kijk om je heen. En ja, misschien—toch—kijk ook eens naar jezelf.)
Het is bovendien niet enkel onze eigen fout. Social media en techbedrijven voeren een strijd om onze aandacht. Ze hebben duizenden mensen in dienst met één enkel doel: steeds nieuwe manieren vinden (via hun algoritmes) om onze aandacht te kapen. Want elke seconde dat we scrollen of blijven hangen bij een of andere reclame of ‘post’ (zoals deze), schiet hun algoritme in gang om nog wat meer data van ons te oogsten. Zo weten ze wat we graag eten, welke kledij we dragen, waarover we discussiëren, wat onze politieke voorkeur is, of we liever kamillethee drinken of coke snuiven, en wat onze hobby’s en passies zijn.
Social media bestaan er niet om ons een beter leven te schenken; het is een winstmodel. Het is een mijnindustrie, en de grondstof waarvoor ze graven, zijn wij. Onze data. Niets nieuws natuurlijk, dat weten jullie ook.
Als een vorm van rebellie tegen big tech voer ik daarom een ‘baas over eigen aandacht’-actie. Ik kies ervoor om dertig minuten per dag alleen met mezelf te zijn. Dertig minuten per dag zeg ik nee tegen geluidsvervuiling en aandachtsschennis.
Ze komen niet binnen. No pasarán.
Zo zat ik ook vanochtend, na mijn ontbijt en een paar uur bureauwerk, stil met enkel het geluid van mijn eigen hersenen en het krakende gebrek aan smeerolie in sommige onderdelen ervan.
Trots op mijn ochtend trakteerde ik mezelf op een lekkere koffie en een snack in mijn favoriete café hier in de buurt. Daar zat ik dan: stomende koffie, dagblad en een rustig hoofd. Tot aan de tafel naast mij twee collega’s kwamen zitten om te lunchen. Eén van hen ratelde als een machinegeweer, terwijl de andere nauwelijks de kans kreeg om af en toe te knikken en ‘ja, natuurlijk’ te zeggen.
Dertig minuten lang ging het door. De babbeltornado bleef razen en slaagde er ondertussen ook nog in om een volledige spaghetti bolognese te verorberen. De collega die zich in het oog van de storm bevond, bleef knikken, af en toe aangevuld met een ‘ja ja’. Dertig minuten later waren ze weer weg, terug naar kantoor, waar ze—zo te horen—vanmiddag nog een vergadering hebben.
Volgende keer neem ik minstens mijn headphones mee. Als cadeau.
Comments
Post a Comment